Hier trek ik de lijn
In zwart, in rood, op wit
Hier trek ik een lijn
En hier, en hier, en hier
Tegen iedereen die tegen is
Tegen hoop, tegen liefde, tegen leven
Met pen en potlood en borstel
Tot mijn verf opdroogt en
Mijn inkt op is
En mijn punt breekt
Laat ik het papier verminkt achter
Een wirwar van lijnen
Zo donker, zo rood en zwart
Zo duister dat ik niet meer kan
Zien wat het verbergt
De onschuld die we kwijt zijn?
Mijn medeplichtigheid
– die zij mij hebben opgedrongen –
Omdat ik niets kan doen?
Mijn frêle stem verloren in de wind
Mijn liefde die breekt in tranen
Op de uitgedroogde, hongerige kusten
En ze niet voeden kan
Tot ik me afvraag wie ze zijn
Zijn zij dezelfde soort als wij?
Dezelfde als hun slachtoffers?
Hebben zij dromen net als wij?
Willen ze leven, dansen, feesten?
En is de naam van hun god liefde,
Of dood en bloed en vernieling?
Hier trek ik een lijn
In zwart en rood op wit
Hier trek ik een lijn
En jij, en jij, en jij
Tegen iedereen die tegen is
Voor iedereen die droomt
In draad, in wol, in woorden
En in dat kluwen liggen knopen
Tot iedereen verbonden is
En misschien zijn we de draad kwijt
En wellicht haal het niets uit
Maar toch doen we verder
Omdat wol niet brandt
En omdat hoop enkel bestaat
Aan de afgrond van het on-
Mogelijke
